Ingrid Marie is een Deens ras, ontstaan rond 1910 op het eiland Funen als een spontane zaailing van Cox’s Orange Pippin. De vruchten zijn middelgroot, rond en glanzend rood met fijne lenticellen. Vruchtvlees: roomwit, sappig, stevig en zachtzuur-aromatisch. Bloeit in april–mei met witroze bloemen. Oogstbaar in september–oktober, gebruikstijd tot december. De boom groeit middelsterk met een vrij compacte kroon en is geschikt voor zowel hoog- als laagstam. Groeit goed op vruchtbare, goed doorlatende leemgrond. Redelijk vatbaar voor schurft en vruchtboomkanker, matig resistent tegen meeldauw. De vruchten zijn breed inzetbaar: uitstekend als handappel, maar ook geschikt voor bakken, moes en sap.

Vorm

Hoogstam, Halfstam

Maat

6-8 cm, 8-10 cm, 10-12 cm

Volgroeide hoogte

tot 10 meter hoog (M25), tot 5 meter hoog (MM106)

Smaak

zoetzuur

Toepassing

bakken, handappel, moes, sap

Oogsten

september, oktober

Bomen die uitstekend samen gaan…

Deze bomen bevorderen de bestuiving en zorgen voor een rijkere oogst!