Lemoenappel is een oud Nederlands ras dat vermoedelijk in de 18e of 19e eeuw is ontstaan. De middelgrote vruchten zijn geelgroen met rode strepen en een oranje waas aan de zonzijde. Vruchtvlees: roomwit, sappig en zachtzuur-aromatisch met een subtiel citrusachtig aroma. Bloeit in april–mei met witroze bloemen. Oogstbaar in oktober, goed bewaarbaar tot in de winter. De boom groeit middelsterk met een brede kroon en draagt regelmatig. Groeit goed op vruchtbare, goed doorlatende leemgrond. Redelijk resistent tegen meeldauw, matig vatbaar voor schurft. De vruchten zijn breed inzetbaar: heerlijk als handappel, maar ook uitstekend voor bakken, moes, sap en cider.

Vorm

Hoogstam

Maat

6-8 cm, 8-10 cm, 10-12 cm, 12-14 cm

Volgroeide hoogte

tot 10 meter hoog (Bittenfelder), tot 10 meter hoog (M25)

Smaak

zachtzuur

Toepassing

bakken, cider, handappel, moes, sap

Oogsten

oktober

Bomen die uitstekend samen gaan…

Deze bomen bevorderen de bestuiving en zorgen voor een rijkere oogst!